}

Afstudeeronderzoek Robic Trainers

DEEL 8: maarten en het leger.

DEEL 8: Maarten en de balans tussen kracht- en/of duurtraining. Een onderzoek in opdracht van het Ministerie van Defensie.

De trainers van Robic hebben niet alleen een uitgebreide praktijkervaring in het wielrennen, maar veel belangrijker nog een academische achtergrond in Bewegingswetenschappen. Daarom leek het ons eens leuk alle trainers van Robic nog eens hun afstudeerscriptie uit de kast te laten pakken en kort te beschrijven waar het ook al weer over ging. Zo leer je onze trainers en hun achtergrond nog beter kennen en met een beetje geluk hebben we er als wielrenner ook nog iets aan.

Tijdens zijn afstudeerstage deed Maarten van Kooij in 2004 onderzoek naar de effecten van kracht- en duurtraining bij de landtroepen van de Koninklijke Landmacht.

Van krachttraining word je sterker en door duurtraining kun je inspanningen langer volhouden. Klinkt simpel, maar helaas is het niet altijd zo simpel. Wat als je bijvoorbeeld een zware last gedurende lange tijd met je mee moet dragen? Hoe zou je dan optimaal kunnen trainen? En zou je een duurtraining kunnen vervangen door een krachttraining? En andersom? Deze, en nog enkele andere vragen werden beantwoord in een onderzoek dat gedaan werd voor het ministerie van Defensie in samenwerking met Universiteit Maastricht.

Grondtroepen bij de Koninklijke Landmacht moeten vaak in extreme omstandigheden grote afstanden te voet afleggen terwijl ze een zware last met zich meedragen. Tot dusver was er geen duidelijkheid omtrent de trainingen die hierop zouden voorbereiden. Leden van de Landmacht liepen soms hard als duurtraining en soms zaten ze in de sportschool voor krachttraining. Het voordeel van werken voor defensie was dat we met grote groepen proefpersonen konden werken. Het nadeel? We mochten de data niet openbaar maken vanwege ‘staatsgeheim’. Hieronder toch onze belangrijkste bevindingen. (Niet doorvertellen!)

Er werden drie groepen gemaakt: een duurtraining groep die enkel duurtrainingen deed, een krachtgroep die enkel krachttrainingen deed en een mixed groep. Deze laatste groep deed een combinatie van kracht- en duurtraining. De trainingen werden uitgevoerd onder toezicht van de onderzoekers op de universiteit. De test die op het einde van de trainingsperiode werd gehanteerd was een loopband test waarbij de snelheid van wandelen telkens werd opgevoerd terwijl hellingshoek en belasting toenamen. Dit laatste gebeurde met een speciaal ontwikkelde rugzak waarbij na elke 5 minuten een gewicht in werd geplaatst. Uiteraard werden ook andere parameters meegenomen zoals maximaal kracht, maximaal zuurstof opname vermogen etc. Wat bleek? Proefpersonen uit de mixed groep gingen het meest vooruit op de loopband test. Op zich een logische bevinding. Maar wat bleek ook? Ze gingen ook minstens zoveel vooruit op maximaalkracht en maximale zuurstofopname. Belangrijk om te vermelden was dat alle proefpersonen evenveel trainingssessies per week uitvoerde. Kortom, het vervangen van een duurtraining door een krachttraining had dus geen negatief effect op de maximale zuurstofopname. Sinds deze uitkomsten maakt een combinatie van kracht- en duurtraining onderdeel uit van de trainingen voor de grondtroepen.

Allemaal leuk, maar soldaten zijn geen wielrenners. Dus, wat hebben wij hier als wielrenners nu aan? Allereerst waren de proefpersonen matig tot goed getrainde mensen toen ze aan de studie begonnen. Getrainde wielrenners hoeven dus waarschijnlijk niet bang te zijn om een krachttraining toe te voegen aan hun trainingsweek als dit ten koste gaat van een duurtraining. De positieve effecten van krachttraining zijn dus groter dan de effecten van het toevoegen van nóg een duurtraining. Daarnaast bleek door krachttraining de coördinatie te verbeteren. Een wielrenner die dus regelmatig krachttraining doet naast de duurtrainingen is waarschijnlijk het slimst bezig.